Scholing
Beweeg je coaching
(Her)ken je mij? (1)
Contact maken met...
werkvorm: BALLENSPEL
- Doel : bewustwording verbale - en non verbale communicatie
- Materiaal : een (beweeg) ruimte, een bal voor iedereen (basketbal, voetbal, tennisbal ect), vier pionnen
Werkwijze
Zet een veld uit waar iedereen ruim in kan bewegen. Iedereen pakt een bal naar keuze en doet ermee waar de bal voor is gemaakt. Studenten bewegen zich vrij door de zaal met de bal. De studenten krijgen tijdens het bewegen vier opdrachten van de coach. Tijdens het bewegen maakt de coach de ruimte steeds kleiner met de pionnen.
- Je mag de bal wisselen wanneer je iemand tegenkomt, is niet verplicht!
- Je moet de bal wisselen met iemand die je tegenkomt
- Je moet de bal wisselen met iemand die je tegenkomt, je mag niet praten
- Je moet de bal wisselen met iemand die je tegenkomt, je mag niet praten en voor het overgeven van de bal laat je een 'idee' zien op welke wijze je kan voort bewegen door de zaal!
Vragen
- Op welke wijze heb je contact gemaakt?
- Ervaringen rondom non verbale communicatie? Kon jij aangeven wat je wilde? Op welke wijze deed je dit?
Oogcontact maakt contact mogelijk.
werkvorm : LIJNENSPEL
- Doel: bewustwording verbale -en non verbale communicatie
- Materiaal : een (beweeg) ruimte met lijnen op de vloer
Werkwijze
Iedereen mag gaan lopen op de verschillende lijnen. Kom je iemand tegen, geen probleem! Zoek een passende oplossing. De coach geeft de studenten tijdens het lopen vier opdrachten mee.
- De studenten mogen alle lijnen gebruiken en passeren in goed overleg
- De studenten mogen 3 kleuren lijnen gebruiken en passeren in goed overleg
- De studenten mogen 2 kleuren lijnen gebruiken en passeren in goed overleg
- De studenten bedenken bij de start een eindpunt. Deze moet je bereiken door op de twee kleuren lijnen te blijven lopen. Zorg dat jij het einddoel bereikt, je mag niet van de lijn en route afwijken. Niemand mag jou passeren.
Vragen
- Op welke wijze maak je contact met de ander?
- Heb je altijd jouw route gevolgd? of bepaalde anderen jouw route?
- Heb jij bij de laatste vorm het einddoel bereikt? Blij met het resultaat? Hoe bewust was je bezig met de ander en zijn/haar reactie? Op welke wijze heb je verbale en non verbale communicatie ingezet?
Communicatie; 55% visueel, 38% vocaal, 7% verbaal (Mehrabian).
werkvorm : EERSTE INDRUK
- Doel: bewustwording eerste indruk = begroeting
- Materiaal : een (beweeg) ruimte, krijt of pionnen (helft van de groep)
Werkwijze
De helft van de groep mag een positie kiezen in de zaal, voor de duidelijkheid misschien bij elke persoon een pion plaatsen of een kruis op de vloer tekenen (niet noodzakelijk). De rest van de groep neemt even afstand en kiest vervolgens drie studenten die hij/zij wil begroeten en zichzelf aan wil voorstellen.
- Studenten begroeten (Corona proof) de 3 gekozen studenten en stellen zich kort voor (even wachten op elkaar is geen probleem). Ze kiezen na de 3 begroetingen een student die ze hebben begroet om de begroeting samen door te nemen. De wijze van begroeten en voorstellen wordt besproken. Wat viel je op? Heb je een top & tip? De student mag met deze top & tip nogmaals drie keer iemand begroeten.
- De rollen worden omgedraaid groep 2 gaat stil staan en groep 1 gaat aan de slag met begroeten en voorstellen.
Vragen
- Welke top(s) wil je delen met de groep?
- Welke tip(s) wil je delen met de groep?
- Kan je omschrijven op welke wijze jij graag wil overkomen? Maak je bewuste keuzes?
Eerste indrukken zijn blijvend en van grote invloed.
(Her)ken je mij (2)
Actief luisteren naar...
Eigen ruimte zoeken
- Doel : Eigen 'plekje' binnen de groep en studie in beeld brengen
- Materiaal : een (beweeg) ruimte, aantal turnmatten, banken, kasten
Werkwijze
Elke student mag steeds de 'juiste' positie in de zaal kiezen. De positie wordt gekoppeld aan een aantal vragen. De vragen zijn steeds meer gericht op de sociale omgang in de groep en welke plek iedereen op dit moment bewust of onbewust inneemt.
- Ga op lengte staan met de gehele groep
- Ga op leeftijd staan met de gehele groep
- Ga op woonplaats staan (A t/m Z) met de gehele groep
- Kies een positie in de 'bus' . Extra uitleg vanuit de coach!
- Vooraan ; studie op orde, weet wat te doen, plezierig om met de studie bezig te zijn
- Midden ; studie vaak op orde, soms nog onduidelijkheid, vaak plezierig om met de studie bezig te zijn
- Achteraan; studie nog niet op orde, veel onduidelijkheden, nog niet plezierig om met de studie bezig te zijn
vraag :
Wie of wat heb je nodig om meer vooraan in de bus te komen? Kijk om je heen? Wie kan je ondersteunen? Welke rol kan een coach spelen?
5. Stel je gaat met een boot! Hoe ziet jouw plek op de boot eruit? Maak samen een boot en neem de positie in
die jij prettig vindt. Materialen mogen uiteraard worden gebruikt.
vraag :
Waarom sta jij op de positie die je nu hebt gekozen? Leg uit aan de anderen? Herkenning vanuit de groep?
De ruimte die jij voor jezelf inneemt heeft impact op jezelf en anderen.
Jezelf voorstellen
- Doel : nadere kennismaking met groepsleden en/of mentor
- Materiaal : een (beweeg) ruimte, turnmatjes, kasten, banken of stoelen
Werkwijze
Voorafgaand aan deze werkvorm hebben de studenten de opdracht gekregen om ter voorbereiding een voorwerp vanuit huis mee te nemen om zich zelf te kunnen voorstellen aan een ander. Daarnaast mag men op een A4 foto's en woorden plaatsen om het verhaal te ondersteunen.
Tijdens het coach uur kiest de helft van de groep een positie in de zaal. Je mag jouw plek verfraaien door een mat, kast, stoel ect te gebruiken! De andere helft van de groep komt op 'bezoek' op de gekozen plek. De nadere kennismaking wordt gestart door het voorwerp en de gemaakte A4 te tonen en 'jezelf in beeld' uit te leggen aan de ander . De bezoeker mag vragen stellen en ben je klaar dan ga je op 'bezoek' bij een andere student. Na een aantal ronden draaien de rollen om.
Vragen
- Wie wil iets delen van de ander (in overleg) wat hij/zij nog niet wist van de persoon?
- Hoe was het om jezelf voor te stellen aan de hand van een voorwerp en gemaakte A4?
- Op welke heb jij geprobeerd om actief te luisteren?
- Is het gelukt om vragen te stellen? Benoem een vraag die je hebt gesteld? Waren ze open of gesloten?
Actief luisteren heeft als doel wederzijds contact te verbeteren!
Afstand en nabijheid
- Doel : ervaren van afstand en nabijheid van verschillende personen. Regie nemen door signalen te geven.
- Werkwijze: een (beweeg) ruimte
Werkwijze
De studenten gaan in de lengte van de zaal, in tweetallen, 8 meter uit elkaar staan. Ze kijken elkaar aan en een rij studenten is nummer 1 en de andere rij studenten is nummer 2. De student met nummer 1 geeft de persoon tegenover zich een signaal met handgebaren. Hij/zij mag gaan lopen richting de student. Rustige passen en wanneer de student even stil moet staan doet de student dit met een stop teken. Tijdens de uitvoering van de oefening wordt niet gesproken. Student nummer 1 mag de student nummer 2 dichtbij laten komen (1,5 m afstand?!) maar het moet wel prettig blijven voelen. Uiteraard geldt dit ook voor student nummer 2 die de signalen moet opvolgen. De uitvoering van de taken kunnen worden omgedraaid en de coach kan dit een aantal keren laten herhalen met de keuze van studenten die je 'goed' kent en minder 'goed' kent.
Vragen
- Hoe was het voor jou om de signalen (handgebaren) te geven?
- Hoe was het voor jou om de signalen (handgebaren) op te volgen?
- Er is verschil tussen personen wat betreft gewenste afstanden?
- Neem jij bewust of onbewust afstand van verschillende personen?
- Ben jij je ook bewust van de gekozen afstand tegenover verschillende personen? Maak je bewuste keuzes?
- Hoe ervaar jij de 1,5 meter afstand in Corona tijd?
Leren spelen met afstand en nabijheid, jouw gevoel is hierbij een belangrijke raadgever.
(Her)ken je mij? (3)
Woorden geven aan...
IK ZIE...
- Doel : observeren van een persoon en benoemen wat je ziet, complimenten geven en ontvangen
- Materiaal : een (beweeg)ruimte
Werkwijze
De groep wordt in tweetallen verdeeld, de start vindt plaats in dit tweetal en daarna wordt er een doordraai systeem gehanteerd. Elk tweetal gaat 1,5 meter van elkaar staan. Om de beurt mag je vertellen aan elkaar wat je ziet. Dit mag objectief (beschrijving kleding, uiterlijk ect) en ook subjectief (persoonlijke kenmerken, waarde geven aan uiterlijk of kleding ect). Alles wat er wordt benoemd is positief van aard.
Vragen
- Hoe was het om jouw observaties in woorden over te brengen? en op deze wijze tegenover elkaar te staan?
- Hoe was het om de observaties te ontvangen? Welk gevoel gaf dit bij jou?
- Wil je een ontvangen observatie met de groep delen?
- Deel jij vaak complimenten uit? op welke wijze? wat doet het met jou en de ander?
Complimenten geven draagt bij tot meer verbondenheid met de ander, en het creëert meer geluk in het leven.
Kernkwaliteiten-spel
- Doel : Het herkennen van de kwaliteiten van anderen, het ontvangen van beoogde kwaliteiten gekozen door een ander.
- Materiaal : een (beweeg) ruimte; 5 a 6 hoepels, kwaliteiten ( google; kwaliteitenlijst) op een A4 uitprinten. Elke kwaliteit op een apart blaadje/ kaartjes uitprinten. Goed leesbaar voor iedereen. Lege A4 papieren.
Werkwijze
Iedereen ontvangt een leeg A4 blad en mag zijn eigen hand omtrekken met een pen/potlood. In elke vinger mag een kwaliteit worden geschreven (hulpmiddel kwaliteitenlijst).
Maak groepjes van ongeveer 5 personen. Een van de vijf personen gaat aan een zijde van een zaal in een hoepel staan. De studenten in de hoepel staan ruim van elkaar opgesteld. De kwaliteiten op papier liggen allemaal aan de andere kant van de zaal over een helft verspreid en goed leesbaar. In groepjes van 4 a 5 personen (de overige groepsleden) wordt een top 5 opgesteld van kwaliteiten voor de persoon in de hoepel. Ze kunnen als hulpmiddel de totale kwaliteitenlijst gebruiken. Op het signaal van de coach mag ieder om de beurt een kwaliteit aan de overkant gaan zoeken en deze bij de persoon in of om de hoepel neerleggen. Wanneer de 5 kwaliteiten om de hoepel zijn neergelegd kan de groep enkele voorbeelden benoemen om de kwaliteit te versterken. De vorm wordt herhaald voor de overige groepsleden.
- Vragen (deze kunnen ook in elk groepje worden behandeld) - meegeven op papier
- Welke kwaliteit van jouw eigen top 5 zet je vaak in? Geef een krachtig voorbeeld.
- Welke kwaliteit heb je van de anderen ontvangen en heeft je erg verrast?
- Welke kwaliteit zelf gekozen of van de anderen ontvangen zou je graag vaker inzetten? en op welke wijze?
Als je kwaliteiten kunt benutten, ga je daarvan groeien en het kan iets heel moois losmaken in een mens.
(Her)ken je mij? (4)
Observeren van...
(basis) reactie(s)
- Doel : Reactie(s) van jezelf en anderen waarnemen.
- Materiaal : twee dikke matten, twee banken, enkele pionnen
Werkwijze
Er worden twee situaties klaargezet. De groep mag zich over de twee situaties verdelen.
- twee banken, ongeveer een meter uit elkaar en aan de uiteinde van de bank, aan een kant, een dikke mat rechtop plaatsen. Deze wordt vastgehouden door twee personen. Tussen de twee banken gaat een student op de rug liggen met de handen naast het lichaam. De dikke mat wordt losgelaten en mag op de twee banken vallen. Iedereen mag deze vorm een keer ervaren.
- Een dikke mat staat rechtop tegen de muur, twee studenten blijven bij de mat staan. Ongeveer 10 meter verderop staat een student. Deze student mag op een signaal met de ogen dicht zelfstandig rennen richting de mat. Wanneer de mat wordt aangeraakt is het doel bereikt. Iedereen mag deze vorm een keer ervaren.
De studenten die niet aan de beurt zijn mogen bewust gaan kijken naar de reacties van de anderen. Wat zie je in het lichaam gebeuren? Wat zie je in het gezicht gebeuren? Welke woorden gebruikt de student?
Vragen
- Kun jij beschrijven wat je hebt gedacht, gevoeld en/of op welke wijze je hebt gehandeld tijdens de oefening?
- Is deze (basis)reactie herkenbaar voor jou?
- Wat zag je bij anderen? Was deze reactie herkenbaar? of heeft deze reactie je verrast?
- Wat zegt deze (basis)reactie over jou?
Onze basis reactie is instinctief, er is maar een ding belangrijk ; (over)leven!
Spel zonder regels
- Doel : Observeren van gedrag van anderen, bewustwording van eigen gedrag binnen een spelsituatie
- Materiaal: 6 hesjes, een hoepel, een basketbal en een twee baskets, blanco A4 papier en een pen voor elke student.
Werkwijze
Er worden tweetallen gemaakt, er is een nummer 1 en 2 per tweetal. Nummers 1 van de tweetallen gaan aan de kant zitten of staan en krijgen een blanco A4 en een pen. De student observeert de andere helft (nummer 2) van het tweetal. De observaties die worden genoteerd zijn objectief. Beschrijf wat je hoort en ziet. De andere groep (nummers 2) komen bij de coach staan en er worden twee gelijke teams gemaakt. Gebruik hesjes om de groepen goed zichtbaar te maken. Er is een regel in het spel. De studenten spelen en spel basketbal zonder regels. Wanneer je een regel wilt toevoegen, ga je in de hoepel staan en roep je STOP. De regel wordt ingebracht en daarna wordt er met deze regel het spel weer gespeeld. Je mag het spel zo vaak stop leggen als je wilt, telkens moet er wel een regel worden ingebracht.
Na ongeveer 10 minuten wordt het spel beëindigd. De observerende studenten vertellen aan de nummers 2 wat ze hebben gezien.
Vragen
- Hoe was het om de student te observeren? Lukte het om objectief een beschrijving te doen?
- Herkende jij jezelf in de omschrijving van de observant? Ja? gedeeltelijke of helemaal niet? waarom?
- Welke omschrijving van jouw gedrag ben je trots op? en waarom?
Letterlijk in bewegen komen zorgt voor stil staan bij eigen ervaringen.
Ontwerp een spel
- Doel : jezelf presenteren in een groep
- Materiaal : Een (beweeg) ruimte, materialen waar je een 'spel' mee kan spelen (voorbeelden; hockeysticks, tennisrackets, voetbal, kleine ballen, foamball, pionnen, ringen, stokken ect.
Werkwijze
De groep wordt in vier gelijke groepen verdeeld. Twee groepjes nemen plaats op de bank en krijgen de rol van observant. De andere twee groepen gaan ieder op een helft van de zaal staan en daar liggen enkele materialen voor de groepjes klaar. Op beide helften ligt hetzelfde materiaal klaar. De groep krijgt 5 minuten om een spel samen te bedenken. Na de 5 minuten mogen ze het gaan spelen. Na ongeveer 10 minuten mag het spel worden aangepast en wordt het bedachte spel aan de andere groep uitgelegd en uiteraard gespeeld.
Enkele basisregels;
- Veld moet zichtbaar zijn
- Je moet kunnen scoren of punten kunnen behalen
- Alle materialen moeten worden gebruikt
- Alle deelnemers van de groep moeten meedoen
- Je hoeft niet tegen de andere partij (groep) te spelen, mag wel!
De observanten maken in de groep tweetallen en bekijken een van de twee groepen. Alle personen van de groep worden geobserveerd. De studenten proberen zo objectief mogelijk te blijven. Het gehele proces van bedenken, uitproberen, aanpassen en uitleggen en spelen wordt gevolgd. Na de gehele cyclus worden de observaties besproken. Daarna mogen de rollen worden omgedraaid. Het materiaal kan een klein beetje worden aangepast om herhaling te voorkomen.
Vragen
- Welke rol heb je aangenomen in jouw groep? Bewust of onbewust? Past dit ook bij jouw handelen in het dagelijks leven?
- Waren de observaties ook passend bij de uitkomsten van vraag 1?
- Wanneer je deze opdracht nog een keer zou krijgen wat zou je dan behouden of aanpassen in jouw handelen?
Met jouw handelen zorg je ervoor of je wel of niet iets krijgt.
(Her)ken je mij? (5)
Vragen stellen aan...
Duo - wandeling
- Doel : nadere kennismaking met mede studenten
- Materiaal : schoenen waar je lekker op kan lopen en een buiten(verblijf)
Werkwijze
De student kiest in de groep een student die hij/zij beter wil leren kennen. Elke student krijgt een kaartje mee met een aantal vragen. Het duo gaat 30 minuten op pad en wandelend stellen ze elkaar de vragen en proberen ze antwoord te geven. Doorvragen mag natuurlijk en actief luisteren is een vereiste!
Vragen ( een aantal van de onderstaande vragen kunnen op een kaartje worden geplaatst)
- Hoe vul jij jouw dag in wanneer je volledig vrij bent om deze in te vullen naar jouw passies?
- Wat is het mooiste dat je bereikt hebt in je leven?
- Waarvan zouden je ouders geshockeerd zijn als ze dat over je te weten zouden komen?
- Waarom is de band met jouw beste vriend of vriendin zo hecht geworden?
- Op welk moment in jouw leven voelde jij jezelf het allermeest 'alive'?
- Wat is het grappigste dat je ooit hebt meegemaakt?
- Vind jij dat wanneer je over iemand iets negatiefs zegt, dit eigenlijk iets zegt over hoe je zelf in je vel zit op dat moment?
- Wanneer was je het meest trots op jezelf?
- Als geld geen rol zou spelen, wat zou je dan direct willen kopen of doen?
- Zou je bevriend met jezelf willen zijn als je iemand anders was?
- Wat is op dit moment jouw grootste zorg?
- Wie is jouw grote voorbeeld?
- Welke misvatting hebben veel mensen over jou?
- Wat is het beste advies dat je ooit hebt gekregen?
- Heb je een hechte familie?
- Wanneer heb je voor het laatst gehuild en waarom?
- Kan jij goed liegen?
- Naar welk muzieknummer heb je het allermeest geluisterd?
- Waar kom je echt helemaal tot rust?
- Ga je liever om met gelijkgestemden of met mensen die jouw tegenpool zijn?
Prettige en gezonde aandacht. Je kunt geboeid zijn door iemand, zonder daar teveel nieuwsgierig naar te zijn.
Kennismaking wandeling
- Doel : nadere kennismaking met student & coach
- Materiaal : schoenen waar je lekker op kan lopen en een buiten(verblijf)
Werkwijze
De coach kiest een aantal geschikte momenten om met de groep een wandeling te gaan maken. Tijdens de wandeling kiest hij/zij steeds een student uit om naast te wandelen om deze student beter te leren kennen. Vooraf kan de coach een aantal vragen voorbereiden, om de student te prikkelen. Hierboven staan verschillende vragen maar de vragen kunnen ook laagdrempeliger worden gesteld.
(Coach) wandelen, omdat je loopt, kom je ook mentaal makkelijker in beweging